Met open vizier

Dit item is verlopen op 20-02-2018.

Een paar weken geleden riep ik in De Schakel de politici op netjes met elkaar om te gaan en elkaars opvattingen te respecteren, met name nu de verkiezingsstrijd met elkaar wordt aangegaan. We leven gelukkig in een vrij land waar de vrije mening hoog in het vaandel staat, maar dat betekent niet dat je zomaar alles moet zeggen zonder rekening te houden met een ander. Albrandswaard is een dorpse gemeenschap, de inwoners komen elkaar overal tegen en wij hebben elkaar ook nodig. Dus op je woorden letten, al is de inhoudelijke strijd nog zo fel, is meer dan verstandig.

Social Media maken het geven van je mening aan een groot publiek wel heel makkelijk. Daar komt nog bij dat je deze meningen vrijwel anoniem kunt geven. Het valt mij op dat er steeds vaker tweets worden geplaatst door afzenders waarbij niet meteen duidelijk is welke natuurlijke personen voor die specifieke bijdrage verantwoordelijk kunnen worden gehouden. Is het een echte persoon? Is het wel een inwoner? Is het een organisatie met een aanspreekpunt die verantwoordelijk is? Allemaal vragen waar niet altijd meteen een antwoord op mogelijk is. Wil je met elkaar praten dan moet je weten met wie je te maken hebt. Dus wie zit erachter? Wat gaat er schuil achter een bericht? En wat zijn de beweegredenen van de gesprekspartner?

Zelf reageer ik niet op anonieme schrijvers op Twitter en ik heb onze afdeling Communicatie gevraagd dat ook niet meteen te doen. Eerst proberen we te achterhalen wie er achter een bijdrage of een vraag schuil gaat, zodat we de persoon in kwestie direct kunnen benaderen en de vraag kunnen beantwoorden of nog door kunnen vragen. Dat lijkt mij allemaal vanzelfsprekend, maar toch zie ik zeer regelmatig dat mensen reageren op zo’n anonieme bijdrage. Ik doe dat dus bewust niet. Een goed gesprek is immers niet anoniem; communiceren doe je met een open vizier en voor het uiten van een eigen mening hoor je niet bang te zijn en hoef je hier in Nederland ook niet bang te zijn.

Het liefst nodig ik medemensen uit om van aangezicht tot aangezicht in gesprek te gaan. Dat kan bij mij, bij iemand thuis of op een andere plek. Gesprekken verlopen zo beter en persoonlijker. Het begrip voor elkaar is of wordt meestal groter en eventuele probleemoplossingen zijn sneller gevonden. Met de 140, of intussen 280 tekens, van Twitter kom je er vaak samen ook niet uit en bovendien ontbreekt al snel de nuance. ‘Chatten’ doe je wat mij betreft nog steeds het beste in een persoonlijk gesprek. Op de bank, aan tafel, eventueel met drankje en hapje. En in alle openheid.