Inclusie, wat een prachtig scrabbelwoord

Weet u wat er met dit woord bedoeld wordt? Inclusie betekent volgens de Dikke van Dale uit 1984 (ja, die gebruik ik nog): insluiting. Volgens Wikipedia betekent het de insluiting in de samenleving van achtergestelde groepen op basis van gelijkwaardige rechten en plichten. Ergens tussen de Dikke van Dale en Wikipedia is dus de invloed van modern beleid ingeslopen. Het is in elk geval het deftigste woord dat ik ken voor iets simpels, namelijk: je hoort erbij!

Twee artikelen trokken laatst mijn bijzondere aandacht. De eerste was het bericht van minister Hugo de Jonge over de aanbevelingen uit het rapport voor de rechten van de mens. Een rapport met een kritisch geluid over de wijze waarop Nederland omgaat met mensen met een handicap of chronische ziekte.

Het andere artikel was een gedeeld Facebookbericht van het AD. Het had de titel: Met kanker mag je best doorwerken. Een interessant artikel. Kennelijk is de re-integratie van kankerpatiënten op het werk al jaren problematisch. Jammer, want werken is gezond, ook voor mensen met kanker. Chronisch zieken of mensen met een beperking raken al veel kwijt. Naast hun gezondheid, moeten zij vaak hun toekomstperspectief bijstellen, verliezen zij veel contacten en verliezen zij helaas ook vaak hun baan.

Aan de ene kant werkt de overheid hard aan die inclusiegedachte, door bijvoorbeeld mensen die zonder werk zijn gekomen weer te helpen naar passend (vrijwilligers)werk. Maar wat kunnen we als gemeenschap doen om het hen wat makkelijker te maken? Volgens een goede vriendin, en patiënt, zijn dat tal van dingen. Het helpt wanneer je een kringetje mensen om je heen hebt voor praktische steun en waar je voor de gekste dingen op terug mag vallen. Maar daarnaast moet de gemeente meedenken met bijvoorbeeld de huishoudelijke hulp. Prima om de boodschappen thuis te moeten laten bezorgen, omdat de hulp dat niet mag. Maar wie zet ze in de kast wanneer je zelf te verzwakt bent van de chemotherapie om dit te doen? Huishoudelijke hulp op maat dus.

Maar zelfs winkeliers kunnen hulp bieden. Bijvoorbeeld door een bankje buiten te zetten waarop je kan uitrusten, of je toilet gewoon ter beschikking te stellen voor mensen die het niet op kunnen houden. Serieus! Het had mijn vriendin al twee keer gered. Gênant. Als laatste zijn er de werkgevers, groot en klein. Zij kunnen werkelijk het verschil maken. En dan zijn we weer terug bij het artikel in het AD. Het o, zo belangrijke werk. Let wel, een goede re-integratie bij ziekte is niet hetzelfde als volledige terugkeer in je baan. Maar aangepast werk is ook volwaardig werk. Werkgevers en UWV moeten beter samenwerken om te helpen bereiken wat we allemaal willen: inclusie!