Eneco

Energiebedrijf Eneco is de afgelopen maanden nogal in het nieuws geweest. Niet echt door eigen toedoen overigens, maar door een aantal gemeenten die groot-aandeelhouder zijn van het bedrijf. Zo was te lezen dat de colleges van Rotterdam, Den Haag en Dordrecht, samen goed voor bijna 60% van de aandelen, hun gemeenteraden voor gaan stellen deze aandelen te verkopen.

Albrandswaard heeft ook aandelen Eneco. Weliswaar een zeer bescheiden deel, maar toch. Deze week heeft het college besloten de gemeenteraad van Albrandswaard voor te stellen ook onze aandelen te gaan verkopen. Of in officiële taal: afbouwen.

De discussie over de toekomst van Eneco lijkt ineens uit de lucht komen vallen. En toch is dat niet helemaal het geval. Daar zit een kleine geschiedenis aan vast. Om te beginnen is Eneco, zo’n beetje als enig energiebedrijf in Nederland, volledig in handen van lokale overheden. Dat wil zeggen de aandeelhouders zijn 53 gemeenten.

Tot 1 februari van dit jaar was Eneco zowel energieleverancier als eigenaar van de kabels en leidingen in de grond. Vanuit de landelijke overheid, en na een verzet tot het uiterste, werd Eneco echter verplicht deze twee onderdelen te splitsen. Per 1 februari ontstonden zo twee bedrijven: Stedin en Eneco.

Het netwerkbedrijf Stedin moet in handen blijven van overheden, dat is wettelijk bepaald. Dus de gemeente blijft aandeelhouder. Bij Eneco kwam de cruciale vraag op of het hebben van aandelen in een commercieel bedrijf nog een ‘publiek belang’ dient. En dat is eigenlijk ook de enige vraag die de colleges van al die 53 aandeelhouders op dit moment bezig houdt.

Is het oordeel dat er geen publiek belang is, dan volgt automatisch de vraag hoe de verkoop vervolgens in zijn werk gaat. Namens de aandeelhouders zal de aandeelhouderscommissie de onderhandelingen gaan voeren en gaan bepalen op welke wijze tot verkoop zal worden overgegaan. Daar zijn namelijk nog aardig wat keuzes te maken.

Het uiteindelijke onderhandelingsresultaat zal dan opnieuw aan de colleges worden voorgelegd. Die nemen dan de echt definitieve beslissing om te verkopen. Dat is naar verwachting pas na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018. Dus dat duurt nog even.

In dat resultaat zal ook staan of de aandelen allemaal tegelijk, of stapsgewijs worden verkocht. Voorlopig gaan we uit van stapsgewijs. Vandaar dat er gesproken wordt over afbouwen in plaats van verkopen.

De gemeente Albrandswaard heeft een zeer bescheiden aandelenpakket. Toch is de waarde hiervan groot en kan het de financiën van onze gemeente enorm versterken. Over hoe groot die waarde is, speculeer ik hier liever niet. Maar ook zonder verkoop is de financiële situatie van onze gemeente al robuust, gezond en toekomstbestendig. We kunnen het proces van verkoop van onze aandelen dus in alle rust doorlopen.